Wat de student ziet

Hier leest u wat de student ziet tijdens het maken van een toets.

Studenten kunnen enkel toetsen openen op de dag dat ze ingepland staan. Zodra de student een toets opent, dan ziet hij het volgende scherm:

29

Afb.29 Het scherm van een student op het moment dat hij/zij wacht om aan de toets te starten

Voor de student is het volgende te zien:

  • De titel van de toets;
  • Eventuele aanwijzingen die bij de toets horen;
  • Een zandlopertje.

Het zandlopertje verandert in een startknop zodra de surveillant de desbetreffende toets start.

Zodra de student op de startknop drukt komt hij/zij in de toets terecht. In afbeelding 30 ziet u een screenshot hoe dit eruit ziet voor de student:

30

Afb.30 De toets-interface van de student, met nummering

Hieronder uitleg van de onderdelen bij het toets-scherm van de student:

  1. Hier zie u het totaal aantal vragen van de toets. Elk blokje representeert een vraag. Het is mogelijk om naar de desbetreffende vraag te navigeren d.m.v. het klikken op het blokje;
  2. Een grijs blokje betekent dat de vraag nog niet beantwoord is door de student;
  3. Een donkergroen blokje betekent dat de vraag is beantwoord door de student;
  4. Een lichtgroen blokje betekent dat de student op dit moment deze vraag voor zich ziet;
  5. Het overzichtsknopje. Als de student hierop klikt, dan krijgt hij/zij op één pagina alle vragen en zijn gegeven antwoorden onder elkaar te zien. Op deze manier kan de student nog eens alles controleren alvorens hij/zij de toets inlevert;
  6. Mededeling welk vraagtype dit is;
  7. De vraagstelling;
  8. Onder de vraagstelling is er de mogelijkheid om antwoord te geven. Per vraagtype ziet dit er anders uit;
  9. De knop inleveren. Hiermee kan de student het initiatief nemen om de toets in te leveren.

Opmerking: Zolang de surveillant de toets nog niet heeft afgesloten kan de surveillant de toets weer terug geven aan studenten die hem hebben ingeleverd.