Vraagitem creëren

Bij het creëren van een vraagitem vraagt het systeem een aantal standaard zaken/ gegevens.

Voor specifieke uitleg over ieder vraagtype, klik hier

Bij het creëren van een vraagitem vraagt het systeem een aantal standaard zaken dat bij ieder vraagtype terug te vinden is. Deze zijn te vinden in het bovenste gedeelte in de pop-up bij het creëren van de vraag (zie afbeelding 9).

9

Afb.9 Screenshot bij het creëren van een open vraag

Bovenste gedeelte: Functies aan-/ uitzetten

  • Bespreken in de klas. Aan betekent dat studenten worden betrokken bij de het beoordelen van deze vraag op het moment dat u de toets bespreekt. Uit betekent dat deze vraag wel te zien zal zijn bij het bespreken, maar dat studenten niet worden betrokken bij de beoordeling. (dit kan bijvoorbeeld nuttig zijn als je een enquêtevraag in de toets stopt die je uiteindelijk niet mee wilt laten tellen en/of bespreken);
  • De vraag vastzetten. Aan betekent dat de vraag is vastgepind. Als deze optie aanstaat en de optie ‘Shuffle vragen tijdens afname’ bij de toets ook aanstaat, dan zal de vraag altijd in de positie blijven waar de docent deze heeft geplaatst bij het creëren van de toets. (bijvoorbeeld als u wilt dat al uw studenten beginnen met een makkelijke vraag dan kunt in de toets beginnen met deze vraag, vink de optie ‘Deze vraag vast zetten’ Als u vervolgens ervoor kiest om de vragen binnen de toets te shuffelen. Dan zullen alle studenten nog steeds beginnen met deze vraag.);
  • Halve punten mogelijk. Als deze optie aanstaat dan krijgt de beoordelaar, docent en/of het systeem de mogelijkheid om ook halve punten toe te wijzen bij het beoordelen/nakijken;
  • Openbaar maken. In de nabije toekomst zullen wij Test-Correct uitbreiden met de Nationale Itembank. U krijgt dan de mogelijkheid om items van uw vakcollega’s uit het hele land te gebruiken. Als deze optie is aangevinkt geeft u uw vakcollega’s (buiten uw school) de mogelijkheid om dit item te vinden in de Nationale Itembank en te gebruiken binnen hun eigen toets. U blijft overigens auteur van dit item. U blijft de zeggenschap houden, ook als u wenst te delen met uw collega’s.

U kunt ervoor kiezen dat studenten een kladblokje hebben om op te schrijven of te tekenen. Dit is een schrijf- of tekenveld dat de student naast het bestaande antwoordveld kan oproepen. Dit kan handig zijn bij vragen waar studenten het fijn vinden om eerst hun gedachtes op papier te zetten of een berekening te maken voordat ze antwoord geven. Bij het nakijken door de docent heeft de docent inzicht op de inhoud van het kladblokje.

Als u bij een vraagitem een kladblokje wenst, dan moet u kiezen of de student mag tekenen of schrijven op zijn kladblokje.

Bij de meeste vraagtypes ziet u in de linker bovenhoek van de pop-up een veld met de naam ‘Punten’. Hierin geeft u aan hoeveel punten de student maximaal kan halen bij deze vraag. Bij de vraagtypes Multiple Choice en ARQ-vraag is dit veld niet aanwezig, dit komt omdat u in het antwoordmodel al aangeeft welke antwoorden correct zijn en hoeveel punten ze waard zijn.

Tabbladen in het midden

In het middengedeelte van de pop-up de volgende tabbladen te zien:

  • Vraag. Hier formuleert u de vraagstelling. (bij de Gatentekst-vraag en de Selectie-vraag is dit tabblad vervangen door het tabblad ‘Tekst’, meer uitleg bij Gatentekst en Selectievraag;
  • Antwoord/Antwoorden. Afhankelijk van het vraagtype geeft u hier het/de antwoord(en) aan. Lees verder bij de specifieke vraagtypes wat u hier kunt verwachten;
  • Bronnen. Hier kiest u bestanden van uw computer of plaatst u een hyperlink naar bronnen die studenten mogen inzien en/of beluisteren bij deze vraag. Lees verder bij Bronnen;
  • Eindtermen. Hier kunt een domein kiezen (en een subdomein als dit gewenst is) van het examenvak waar de huidige toets aan gekoppeld is. In het VO zijn dit de eindtermen die door het Ministerie van OCW zijn opgesteld. In het MBO zijn het zelf opgezette leerdoelen. Test-Correct kan met deze informatie interessante analyses maken die de student en docent inzicht kunnen verschaffen in de voortgang en voorbereiding kunnen geven naar het examen toe;
  • Tags. Hier kunt u als docent zelf labels toevoegen waar u op kunt filteren in de zoekmachine van de vragenbank. Wanneer u zoekt naar bepaalde termen in de vragenbank, dan zal het systeem zoeken in de vraagstelling, het antwoordmodel en in de door uw aangemaakte tags. Een tag toevoegen is handig wanneer een bepaalde term bij deze vraag hoort, maar niet is terug te lezen in de vraagstelling ,in het antwoordmodel, of wanneer u later op hoofdstuk van uw lesboek wilt filteren. (in dat laatste geval voegt u de titel en het nummer van het hoofdstuk toe als tag.);
  • Taxonomie. Voor de analyse en het vindbaar maken van vraagtypes in de toekomst kunt u aangeven middels BLOOM en/of RTTI welk cognitief niveau wordt aangesproken met deze vraag. Veel docenten in Nederland maken gebruik van de RTTI® methodiek van DocentPlus®. Met Test-Correct kunt u simpel een RTTI-export maken van uw klas na iedere gemaakte toets. Op die manier maken we het nog makkelijker om RTTI volwaardig in te zetten bij uw toetsen. U moet onder dit tabblad aangeven of dit vraagitem R, T1, T2 of I is om de RTTI-export mogelijk te maken.
  • Info. Als u een eerder opgeslagen vraagitem opent dan ziet u dit tabblad. Hier kunt u terugvinden:
    • P-waardes per leerjaar en leerniveau;
    • RIT-waardes per leerjaar en leerniveau;
    • Het unieke ID van desbetreffend vraagitem;
    • De auteur(s) van desbetreffend vraagitem.

De meeste vragen en antwoorden bieden de mogelijkheid om opmaak en afbeeldingen toe te voegen. U kunt in de tekst zelf ook afbeeldingen plaatsen (). Daarnaast kunt u een formule toevoegen middels de beschikbare formule editor.

U kunt ook toetsen met opmaak en afbeeldingen kopiëren van MS Word naar Test-Correct. Dit maakt het eenvoudig om bestaande toetsen in Test-Correct in te voeren.

Tip: gebruik de maximize (Maximize) knop om de tekst editor te vergroten.

Opmerking: Bij studenten is de automatische spellingcontrole uitgezet.